Voor wie het nog niet weet: in elke nieuwsbrief van 2025 brengt Fabrik een kort verhaal in hoofdstukken.
Dit verhaal gaat over de vragen rond wonen van een meisje dat Mila heet.
Vandaag is het woensdag, en zoals elke woensdag komt Mila’s oma haar ophalen op school en brengt ze haar daarna terug naar haar moeder zodra die klaar is met werken.
Zodra de bel gaat, rent Mila in de armen van haar oma.
Ze keek ernaar uit om haar te zien. Ze kan geen seconde meer wachten.
Ze staat te trappelen van ongeduld bij de gedachte om haar over haar droom te vertellen.
In die droom wordt haar huis haar vriendin, spreekt ze de taal van de huizen, en brengen ze lange uren door met kletsen.
Na die warme hereniging begint Mila.
Mila: Op school geloven ze niet dat je met je huis kunt praten. Ze zeggen dat je gek bent… Maar ik weet dat het waar is. Je hebt nooit tegen me gelogen!
Ben jij een superheldin, Mami? Heb je superkrachten?
Grootmoeder: Mimi, misschien ben ik een beetje gek… maar ik zou nooit tegen je liegen.
Mila: Hoe praat je met je huis? Waar is haar mond? Haar stem? Waar praten jullie over?
Grootmoeder: Weet je, om met iemand te communiceren is het niet altijd nodig om te praten. Het belangrijkste is luisteren. Meer precies: we luisteren naar elkaar en sturen elkaar berichten.
Mila: Ahhh… zoals WhatsApp? Maar… hoe stuurt ze jou berichten? Dat is zooo raar! En waarom luister je naar je huis? Is dat niet saai?
Grootmoeder: Helemaal niet. We wonen samen, zij en ik. Dus het is belangrijk dat we voor elkaar zorgen.
Terwijl ze van school naar huis gaan, denkt Mila terug aan wat er de dag ervoor gebeurd is en aan het gesprek dat ze net met haar oma had. Soms lijkt de logica van volwassenen haar een beetje vreemd. Ze vraagt zich af:
“Als oma met haar huis praat… dan kunnen logischerwijs alle levende wezens ook met mensen praten. Bomen? Dieren? Insecten? Praten zij ook?”
De ideeën tollen door haar hoofd. Terwijl ze de auto’s en de bomen voorbij ziet glijden, vliegt haar geest weg… Ze stelt zich voor dat ze praat met alles wat ze onderweg tegenkomt.
Op een bepaald moment richt ze haar blik op een grote eik op het plein.
Ze probeert te luisteren, een boodschap op te vangen. Onmogelijk.
Oma gaat veel te snel op haar elektrische fiets. Zeker: zo naar bomen luisteren is mission impossible!
Eindelijk komen ze aan!
Mila springt snel van het achterzitje van de fiets en verliest geen seconde om het gesprek weer op te pikken.
Mila: Oma, ik wil dat je me leert praten met bomen!
Grootmoeder: Wat bedoel je daarmee?
Mila: Je zei dat je met je huis praat, dat jullie elkaar berichten sturen.
Ik neem aan dat het hetzelfde is met bomen en dieren, toch?
Grootmoeder: Heel goed bedacht, Mila. Maar het is niet precies hetzelfde. Ik ben er zeker van dat bomen en dieren met ons communiceren, ja… maar niet op dezelfde manier als een huis.
Ahhh… Mila is teleurgesteld. Ze begrijpt het niet. Voor haar was het vanzelfsprekend.
Grootmoeder: Een huis is gemaakt van verschillende elementen. Het zijn levenloze objecten, ja, maar samen creëren ze iets complex: een huis. En het is die combinatie die een soort “leven” doet ontstaan.
Mila: Wat? Maar… dat is veel te raar! Op school hebben ze ons dat nooit verteld.
Grootmoeder: Huizen hebben een skelet, een huid, soms een brein. Ze ademen… en ze kunnen dingen vertellen.
Mila: Maar waarom hoor ik ze dan niet? Willen ze niet met mij praten? Ben jij de enige die met huizen kan praten?
Grootmoeder: Maak je geen zorgen, Mila. Ik ga je leren communiceren met huizen. En misschien praat jij op een dag met huizen, maar ook met bomen en dieren. Maar daarvoor zul je andere vertalers moeten vinden.
Ik ben zelf nog maar beginner.
(wordt vervolgd)